Het verplichte programma dat jongeren stap voor stap leert verantwoordelijkheid te nemen voor hun gedrag. Elke dag wordt er gewerkt aan houding, keuzes en de toekomst.
Alle JJI’s in Nederland werken met de basismethodiek YOUTURN. YOUTURN staat voor ‘zelf doen’. Gedurende het verblijf gaat elke jongere onder begeleiding van pedagogisch medewerkers, docenten en andere professionals werken aan verbetering. De tijd binnen wordt zo goed mogelijk benut om straks, na het verblijf, voorbereid te zijn op een nieuwe start. Alles draait erom de jongere te leren verantwoordelijker te denken en doen in zijn of haar leven.
YOUTURN bestaat uit vijf fases. Afhankelijk van het oordeel van de rechter en de duur van het verblijf doorloopt de jongere één of meer fases van YOUTURN. De eerste drie fases vinden binnen de inrichting plaats; de laatste twee buiten. Wij betrekken hierin ook de ouders/verzorgers zo veel mogelijk; dit heet gezinsgericht werken. In elke fase spelen zij een belangrijke rol. We informeren waar we aan werken, hoe we dat doen en welke rol de omgeving kan innemen. Hieronder beschrijven we de vijf fases.
Bij gezinsgericht werken wordt gebruik gemaakt van de kracht van het gezin. Door de betrokkenheid van ouders te vergroten, groeit de behandelmotivatie van de jongeren en neemt de kans op recidive af. Onderdelen van het gezinsgericht werken zijn onder andere wekelijks contact met ouders, gezins-gesprekken en -coaching, rondleidingen voor familie, ouderavonden en andere activiteiten binnen onze inrichting.
In de eerste fase (ongeveer tien dagen) maakt de jongere kennis met de inrichting en de medewerkers en leren wij de jongere kennen. Alle beschikbare informatie over de jongere wordt verzameld. Samen maken we een perspectiefplan. Hierin staat beschreven waaraan de jongere in de komende fase gaat werken. Ondertussen verblijft de jongere in de inrichting en neemt deel aan het dagprogramma op de leefgroep. Ook krijgt de jongere een mentor toegewezen die hem/haar begeleidt.
In de tweede fase (ongeveer tien weken) is het dagprogramma volledig gevuld. Elke (werk)dag volgt de jongere onderwijs op school en leert hij/zij vaardigheden, bijvoorbeeld zelfstandig het bed opmaken en goed luisteren naar anderen. Ook starten de groepsbijeenkomsten van TOPs! waarin jongeren moeilijke situaties voorleggen aan groepsgenoten om, onder begeleiding van trainers, elkaar te adviseren hoe om te gaan met dilemma’s, bijvoorbeeld door rollenspellen te doen.
Fase 3 start na ongeveer twaalf weken. Meestal heeft de rechter dan een uitspraak gedaan en is bekend hoe lang de jongere in de inrichting zal verblijven. Deze fase is gericht op de persoonlijke ontwikkeling van de jongere, daarom is deze periode voor iedereen anders. De jongere werkt bijvoorbeeld aan het omgaan met delicten, keuzes maken en hoe hij/zij naar zichzelf kijkt. Er zijn ook interventies die jongeren samen met ouders of het gezin doen. Zo kunnen gezinnen bijvoorbeeld leren hoe ze problemen bespreekbaar kunnen maken.
Tijdens het verblijf wordt elke vier maanden een nieuw perspectiefplan opgesteld, zodat doelen kunnen worden bijgesteld. De jongere krijgt meer zelfstandigheid en verantwoordelijkheid en mag de inrichting tijdens verlof tijdelijk verlaten. Eerst onder begeleiding van een medewerker en als dat goed gaat, mag uw kind zelfstandig naar buiten.
Fase 4 STP staat voor Scholings- en TrainingsProgramma, Deze richt zich op de terugkeer in de samenleving. We kijken wat ervoor nodig is om op een goede manier terug te keren en hoe wij de jongere hier op kunnen voorbereiden. De jongere komt in aanmerking voor een STP. Dat betekent dat er minimaal 26 uur per week activiteiten zijn die zich richten op scholing, werk, therapie en/of trainingen, vrije tijd of het sociale netwerk. Tijdens een STP verblijft de jongere zeven dagen per week buiten de inrichting.
In de vijfde fase verlaat de jongere de inrichting definitief; de straf of maatregel is (voorwaardelijk) beëindigd. Wij dragen alle relevante informatie over aan de (jeugd)reclassering en de gemeente.